In deze blog houd ik dagelijks mijn Nepalees reisverhaal bij, en zal geactualiseerd worden als internet onderweg beschikbaar is. Geniet van het lezen van de blog zo als ik geniet van wandelen. In Nepal reis ik met Nepal Eco Adventure; zij zorgen voor vervoer, de accommodaties, de route en de gids. Hieronder het plan, en plannen kunnen veranderen afhankelijk van de fysieke conditie, het weer en de natuur. We zien wel hoe ver en hoe hoog ik kom.
Maastricht – Amsterdam – Doha – Kathmandu (vliegtuig) op 1 maart 2024
De reis Maastricht – Amsterdam – Doha – Kathmandu was prima. Op het vliegveld stond Ramh met een bordje om mij te verwelkomen. Ramh zal mijn gids zijn de komende 18 dagen. Hij brengt me naar het hotel en daarna naar het kantoor van de reisorganisatie Nepal Eco Adventure waar ik het laatste verschuldigde bedrag moet betalen. De middag heb ik vrij. Het hotel ligt in Thamel, het toeristisch centrum van Kathmandu met duizenden kleine winkeltjes die kleren om te trekken verkopen, pashmina’s, kunst en cashmere dekens en truien. Ook bakkerijen, winkels met vruchten zo als papaya en mango en veel restaurants. Om de weg te leren in de chaos van straatjes en steegjes en duizenden mensen en motorfietsen en toeterende auto’s en riksja’s loop ik steeds grotere rondjes om het hotel.
Op straat ziet men meer mannen ( die weinig of niets doen) dan vrouwen maar bij een gebouw in aanbouw zijn het vrouwen die de zand en cement sjouwen.
Ik loop langs de Garden of Dreams waar veel mensen zichzelf fotograferen.
Wat een contrast.
Iedereen met wie je oogcontact maakt spreekt je aan, en ze bieden je vanaf reizen te voet of te paard, drugs in al zijn vormen, tot reizen naar de Everest in helicopter, vliegtuig of te voet, rafting in wild water rivieren en trekking in de bergen. En altijd met een glimlach. Hier ga ik leren glimlachen want “no thank you” antwoorden met de glimlach werkt beter heb ik ontdekt.
En toen sprak me een jonge man van 21 aan die naar eigen zeggen in een boeddhistisch klooster is opgeleid in de boeddhistische levenswijze. Zijn vader alcoholist, zijn moeder dood en op zijn schouders de zorg voor twee jongere broers. Hij wil me een schilderschool laten zien en wil van mij geen geld! Hij heeft een vlotte babbel en al snel lopen we door smalle steegjes, armere gedeeltes, marktjes en veel tempels
Hij zegent me met een rode stip op mijn voorhoofd en bloemen in mijn haar. Hij verteld me namen van goden en veel boeddhistische wijsheden. We lopen rond de tempel, luiden de vier verschillende bellen op elke hoek en ik mag een wens doen; ik twijfel tussen wensen voor de gezondheid van een goede vriend in Heerlen of een goede tocht voor mij komende weken.
Uiteindelijk komen we bij de schilderschool, een gebouw beschadigd door de aardbevingen van 8 jaar geleden en lopen drie hoog. Inmiddels heb ik geen idee waar ik ben en met wie eigenlijk. Hij laat me prachtige mandalas zien, ronde tekeningen met geometrische figuren die de aandacht trekken voor meditatie en levensloop. Ik mag ze niet fotograferen maar moet ze kopen. Hij wordt dwingend. En ik krijg een kop hete thee dus kan niet meer weg zonder onbeleefd te zijn. Uiteindelijk koop ik de mandala niet maar geef hem 4.000 RPN = €27 om de school te sponseren. Zijn vriendelijkheid is vervlogen en hij houdt zich niet aan zijn belofte om me de weg terug naar het hotel te wijzen. Het is inmiddels bijna donker als ik probeer de weg terug te vinden. Google maps en de e-sim bieden uitkomst.
Ik heb in Den Haag, Bogotá, Zarautz, San Sebastian (Donostia), Caracas, Boconó, Gouda en Maastricht gewoond. Maar zo’n georganiseerde chaos met een glimlach zoals hier in Kathmandu had ik nog niet mee gemaakt. Het was een eerste prachtige en spannende dag.
Een bijzondere dag vandaag met oneindig veel impressies.
SWAYAMBHUNATH MONKEY TEMPLE,
De legende verteld dat de boeddhistische God Manjushri een tijd verbracht in de heuvels waar nu de tampels staan. Hij kreeg de opdracht zijn haar kort te scheren maar in plaats daarvan liet hij zijn haar heel lang groeien. Hij kreeg luizen. En deze luizen veranderden in apen.
Er zijn merdere Stupas, offer altaar en het graf van de vierde boeddha.
Om er te komen en trap met 365 treden.
Het is de meest heilige pelgrims bestemming voor boeddhisten.
DURBAR SQUARE
In het hart van de oude stad is een plein met het paleis waar de vroegere koning woonde en talrijke tempels en prachtige gebouwen.
Tot 2008 was Nepal een koningsrijk en nu een maoistische democratie. Het volk verlangd met nostalgie het verleden; toerisme is de tweede bron van inkomsten in Nepal; de eerste is, je raad het nooit, de overmakingen van geld uit het buitenland voor familie hulp. Er worden nu meerdere stuwdammen gebouwd om elektriciteit te verkopen aan de buurlanden en dat zal in de toekomst de primaire inkomsten bron worden. De Chinezen zijn de financiers. 40% van de Nepaleesen woont in het buitenland.
Het koninkrijk paleis heeft iets van de National Gallery in Londen.
De Maju Deval tempel of in de volksmond De Hippy Temple waar in de jaren tachtig, iedereen, zelfs The Beatles, marihuana kwamen en mochten roken.
THE LIVING GODESS TEMPLE, KUMARI GAR
Kumari , Kumari Devi , of de Levende Godinis de traditie van het aanbidden van een gekozen maagd als manifestaties van de goddelijke vrouwelijke energie of Shakti in de Dharmische Nepalese religieuze tradities. Er wordt aangenomen dat het meisje bezeten is door de godin Taleju. Het woord Kumari is afgeleid van het Sanskriet en betekent prinses.
De Kumari verschijnt een aantal keren per dag aan het bovenste raam en zegend de aanwezige.
Altar voor Shiva ; de kaarsen zijn van boter met een lont.
Op de foto met de heilige man kost 50RPN.
Op de foto met Andrew uit Hong Kong kost niets. Hij en ik zijn op elkaar aangewezen voor de komende 15 dagen op de Annapurna Circuit Trail. Hij is 31 en werkt in Singapore met AI en crypto currency.
SHREE BOUDHANATH
Als je om de stupa helemaal rondom loopt gaan de poorten van het hiernamaals voor je open.
JAGGANNATH TEMPLE ( erotic carving temple)
Maar het meest indrukwekkende was:
BAGMATI RIVER Crematorium
De Bagmati is de heilige rivier van Nepal. Ver stroomafwaarts komt hij ook in de Ganges uit. Op de plaats die Pashupatinath heet willen vele hindoes gecremeerd worden. As wordt daarna in de rivier geworpen.
Eerst wordt het lichaam gereinigd door de voeten en mond te wassen
De sfeer is heel sereen en niet verdrietig. De ziel van de overledene is nog aanwezig en verdriet laat de ziel niet verder reizen. Toeristen mogen mee kijken en foto’s maken.
Op deze plek is ook een hospice, een opvang voor Aids zieken, en zo veel arme en kreupele en mismaakte mensen zonder armen of benen of krom gegroeid en zo veel bedelen dat alle ellende op een plaats samen is.
En toch als je PASHUPATINATH hebt bezocht dan zijn je lichaam, ziel en rijkdom meer heilig en sacraal.
In het Colombia van de jaren ’70 waren de wegen smal, met potholes, en wegwerkzaamheden langs ravijnen en rivieren en in elke bocht toeterde de chauffeur om de tegenligger te waarschuwen. Mijn vader reed langzaam en voorzichtig onze Land Rover uit 1963. In het Nepal van 2024 zijn de wegen identiek langs suikerriet, mango’s, papaya’s, bloeiende kerststerren, en ook langs ravijnen en rivieren. Het verschil was dat de chauffeur van de Toyota met een ongelooflijke snelheid reed en wild op de rem trapte en uitwijk maneuvers deed op mm afstand van de tegenligger. Voor 280 km hebben we 7 uur gereden.
In de verte de Ganesh Himal Mountain Range. Mijn vader verlote onder zijn kinderen een ijsje voor wie als eerste een van de drie sneeuwtoppen van centraal Colombia zag.
Vandaag heb ik het ijsje gewonnen.
Onderweg heb ik weinig foto’s gemaakt en aangekomen in Ngadi ben ik mijn benen gaan strekken.
Rijst ligt te drogen in de zon.
Een vrouw, het zijn de vrouwen die werken in deze mannen maatschappij, zuivert de rijst.
Een vrouw spoelt de rijst om te koken.
Ons guesthouse vandaag. Rechts Ram de gids, in het midden Andrew de Chinees uit Singapore die ook gaat trekken en daarnaast Sumil Yung de drager van de bagage en helemaal links onze gastheer.
De kamer is sober
Het landschap adembenemend; we zijn op 930 m hoogte en gaan van af hier lopen.
En de mensen lief, hartelijk en gastvrij.
En het avondeten dal bath
Voor de deur en altaar.
Sita, onze gastvrouw is lerares Engels in de basisschool op 15 minuten lopen. De school heeft 240 leerlingen van groep 1 tot 10. Een Nederlandse familie uit Gouda heeft haar 5 jarige opleiding in Kathmandu betaald, haar drie maanden uitgenodigd in Nederland waar ze de bekende steden in Nederland heeft bezocht en ook Brussel, Parijs en Frankfurt en toen ik naar de kamer ging zei ze: slaap lekker. Deze familie heeft ook via crouwdfunding de wederopbouw van haar huis na de aardbeving 2015 gefinancierd. Prachtig verhaal van liefde.
De school had 10 jaar geleden 450 leerlingen; door migratie, familie planning, en privé kostscholen in de omgeving is het aantal kinderen bijna gehalveerd.
Ram, de gids heeft ons vandaag de briefing gegeven.
Positive gedachten brengen je ver, door de neus ademen altijd en z’n tempo hebben dat je rustig ademt, de natuur beschermen en altijd schoon water van het zelfde soort drinken dus of altijd water uit fles of altijd kraanwater met purificatie tabletten bijvoorbeeld. En hij zal altijd goed voor ons zorgen en we mogen geen adviezen van anderen volgen zo als hij geen adviezen aan anderen geeft. Hij regeld eten, accomodatie en tempo.
En als je positief denkt krijg je geen hoogteziekte. En die wil ik niet krijgen.
Morgen gaan we de berg omhoog. Te voet, z’n 7 uur lopen afhankelijk van het tempo.
En morgen zal de oudere zus van Sita mij zegenen bij het altaar. Dan komt alles goed.
In Ngadi begint voor ons de Annapurna Circuit Trail.
Onze gastvrouw was aan het bidden voor het hindoeistische altaar. Ze voelde dat ik achter haar stond en toen kreeg ik haar zegen en ze mompelde iets waarvan ik alleen Thorong La verstond. Ik neem aan, dat haar zegen me over de bergpas van 5416m zal brengen.
De stip op het voorhoofd heet een TIKKA en staat voor bescherming en zou het boze oog afwenden. Met de juiste tikka op je voorhoofd heb je je favoriete god de hele dag bij je – je wordt door hem beschermd.
Sita, de lerares Engels, kreeg van mij een zakje chocolade eitjes om te verdelen op school. Zo net kreeg ik een video van haar, en daarvan een foto.
We gaan vandaag de Marsyandi rivier stroomopwaarts volgen in de richting van de besneeuwde bergtoppen.
Met deze mevrouw zal ik geen ruzie maken.
Het grapje is erg flauw want ze gaat voedsel voor haar dieren halen om dan zo terug te gaan naar huis. Vrouwen werken hier heel intens.
Het was een pittige eerste dag. Eerst de rivier aan onze linker kant en daarna aan de rechterkant. Meerdere stuwen om elektriciteit te produceren.
Eigenlijk hebben we een onverharde weg gevolgd met af en toe wat verkeer.
De weg omhoog was zwaar lopen en ergens zijn we een stenen trap met meer dan 500 treden omhoog gelopen om later weer te dalen, want zo gaat het, omhoog en omlaag. Volgens Google Maps 786 positive hoogtemeter en 289 negative dus per saldo 497 meter omhoog.
Kort voor Chamje, de eindbestemming voor vandaag, een imposante waterval, die zijn recht niet krijgt op de foto.
Sumil Yung is de drager, in het Engels: the porter. Zijn moeder was 15 toen de eerste zoon is geboren en Sumil is de derde van drie. Hij is 23 en verliefd op een mooi meisje die ik op Tik Tok mocht zien. Dit is zijn 5e reis naar Annapurna. Officeel mag hij 21 kg dragen. Van mij draagt hij 9 kg. Hij draagt ook de bagage van de medetrekker uit Singapore en zijn eigen spullen. Hij leert Koreaans samen met het meisje om samen naar Korea emigreren. Hij heeft geen motorfiets, too expensive met een glimlach. Hij is altijd vrolijk en loopt voorop en af en toe wacht hij op ons. Hij loopt gewoon op stoffen sneakers en niet op high tech wandelschoenen.
Het is -5 in de kamer, mijn handen trillen van de kou, en vanwege 5 power cuts ben ik de eerste versie van deze blog verloren.
In de Himalaya zijn er 4 categorieen:
Porter of wel drager
Sherpa die draagt ook maar zet ook routes uit met touwen etc
Gids zorgt voor route, accomodatie eten en welzijn van de trekkers.
Leader coordinator van de gidsen bij grote groepen.
Sumil wil gids worden dus gisteren deed hij de briefing voor de volgende dag. Hij zorgt ook voor water en thee en brengt het eten aan tafel.
Ik had seriouse twijfels om een drager te huren. Maar als ik zelf de rugzak draag dan ontneem ik Sumil de kans om geld te verdienen en zeker ook een goede fooi te krijgen. Ik heb altijd mijn rugzak gedragen maar nu ben ik ouder en loop met een dagrugzak met water, bescherming tegen kou en regen en iets lekkers voor onderweg.
Voor mij raam staan twee bijenkasten.
Maar het is een zoekplaatje.
Als ik Google Maps mag geloven hebben we vandaag 1432 positive hoogtemeter en 934 negative en 13 km naar Dharapani. Mijn benen kunnen het bevestigen.
We hebben weer de Marsyandi rivier gevolgd stroomopwaarts en hij is steeds smaller
Er zijn weinig dieren; de koe is heilig maar die zie je bijna niet, gisteren liep een aap over de weg en een grote kudde muildieren met een drijver. Vandaag een groepje Dzo, een kruising tussen een koe en de yak.
Dharapani is een klein gehucht met woonhuizen en guesthouses voor mensen die in het Annapurna gebied trekken. Vandaag z’n 4 gezien.
En dit is ons onderkomen voor vanavond
De badkamer heeft geen wasbak en de douche was vandaag ijskoud, toiletpapier breng je mee en niet vergeten de volgende dag weer mee te nemen. De slippers zijn service van het guesthouse.
En de kamer ziet er zo uit met mijn rommel.
Ik diep geslapen bij aankomst onder het rose dekbed. En vanavond lig ik er ook onder maar met mijn slaapzak.
Het avondeten lekker, gebakken rijst met omelet.
Ergens onderweg nog een mooie waterval
Als ik in bed lig hoor ik het bruisen van de rivier.
Op de achtergrond de Lamjung, aan de voorgrond de biologische tuin met en kruising van spinazie en snijbiet, de groenten in de dal bath.
De keukens zijn hier zo bijzonder.
Met heel weinig water en zeep houden ze pannen en potten glimmend, vaak in een kraan buiten.
De wandeling begint gelijk met een hoogtepunt: Annapurna 3 met 7.555 meter.
Zo plotseling na een bocht in het pad stond hij daar in de zon.
De Marsyandi river die we al drie dagen stroomopwaarts volgen is smaller en in de verte zie je meerdere mensen trekken. En helemaal in de verte de Manaslu Mountain Range.
We komen langs een poort met gebedsrollen. Een schietgebed voor een zieke goede vriend doet geen kwaad.
En het draaien aan de rollen is een gebed.
De Chinezen zijn actief in de financiering van elektrische centrales.
En toen ik aan tafel hoorde dat de Amerikanen de oorlogen in Ukraine, Gaza etc hebben uitgelokt en veroorzaakt, heb ik besloten om te zwijgen over politiek.
We komen langs een waterfal.
En dan zien we de Manaslu; er zijn 14 bergen hoger dan 8.000 meter op de wereld en ik geloof 8 daarvan in Nepal. Manaslu met 8.163 is er een van. Ik heb mooit eerder in mijn leven in achtduizender gezien.
Ook steken we een rivier over de eerste hangbrug, suspension bridge, die je op zo veel video’s van Nepal ziet.
Gisteren was het zwaar lopen voor mij maar vandaag gaat het super en ik ben verrast dat we gaan lunchen in de keuken van vrienden van Ram.
Dit is de eerste keuken die ik mee maak met stromend water, ook gebeuren er veel werkzaamheden op de vloer, maar het toilet is anders dan thuis
Rond 15:30 komen we in Chame aan. 916 hoogtemeter en 164 omlaag. Ik val in slaap. Het regent en is koud, echt koud. En we zitten nog redelijk laag.
. Vanacht slecht geslapen vanwege de kou. Buiten sneeuwde het en de lekkage in de badkamer ensuite bevror langzaam. Ik had twee truitjes, mijn donsjack, legging, en twee paar sokken aan en lag in de slaapzak onder twee dekens. Muts en sjaal had ik ook en zelfs zo, zo koud de hele nacht. Het gebouw was van cement en bakstenen. Vanavond is het spannend; we zijn hoger en het gebouw is van hout. Isolatiewaarde: nihil en vol met kieren.
En in de ochtend stralende zon; zo snel veranderend het weer hier in de Himalaya en weersvoorspellingen zijn volledig onbetrouwbaar.
In de verte de Lamjung Mountain Range.
Het loopt lastig en ik moet voorzichtig zijn met ijs, sneeuw en modder en gebruik voor het eerst de wandelstokken.
De lucht is koud en ook ijler.
We lopen door een dennenbos en de bomen reiken bijna de hemel.
De Marsyandi river is steeds smaller maar nog steeds onze trouwe begeleider.
De high mountain apples zijn verrukkelijk maar nu staan de boompjes zonder blaadjes tegenover de gebedsrollen.
Ergens rusten we en op de foto Sumil in het zonnetje. Wat een kracht en moed straalt hij uit. Hij doet dit werk al 7 jaar, dus op z’n 16e is ermee begonnen maar hij heeft inkomen in het seizoen dus z’n 6 maanden. Dat geld ook voor de gids. En zo blijven ze altijd arm en afhankelijk.
Nogmaals de Lamjung met een waterval van smeltwater en optrekkende mist. Ach het is mooi hier en indrukwekkend. Het prachtige landschap, zo ruig, de ontberingen van de bevolking, en toch zo religieus en gelovig, de verschrikkelijke armoede, alles wordt bewaard want alles kan hergebruik worden. Iedereen loopt op slippers zonder sokken in deze kou.
Ik heb zelden kleren of lakens aan de waslijn gezien en vraag me af en toe wie en hoe vaak iemand onder het dekbed of op de lakens heeft gelegen. Langzaam heb ik minder smetvrees.
Een glimp van de Annapurna 2 met 7937 meter.
En in de verte de Thorong Mountain Range met de beruchte pas waar we overheen moeten over een aantal dagen.
Ik heb lavines in de verte gehoord en gezien.
Aangekomen in Pisang op 3200 ‘m heb ik een roze onderkomen.
De douche is in patio, dus kleren uit in de kamer,handdoek om mijn middel, en op slippers door de sneeuw naar het hokje beneden links.
Pisang aan de flank van de berg en de Thorong in de verte.
Gisteren avond was het gezellig om de stalen kachel met brandhout.
Elke dag zie ik kleine groepen die de bergen in trekken. En af en toe de zelfde. Wat opvalt is dat de contacten oppervlakkig zijn; ik heb meerdere malen het Jacobspad naar Santiago de Compostela gelopen en daar kom je dicht bij de medewandelaars. Misschien kom je hier dichter bij de spiritualiteit. Onderweg wordt er weinig gepraat, maar de tempels, Stupas en gebedsrollen zie je vaak.
Bij de uitgang van Pisang.
Blauw hemel
Wit water
Rood haat en vuur
Groen bos
Geel ijzer en aarde
De kleuren van de vlaggetjes die overal wapperen.
Oom mani potme hum is de boeddhistische mantra. En die staat geschreven op alle vlaggen.
En zo als in zo veel culturen is het opstapelen van stenen en vorm van gebed en voor goede wensen.
In de verte de Heaven mountain die ik gisteren ook heb gezien en onthouden door zijn opvallende vorm, De Everest is een vrouwelijke berg omdat hij beklommen kan worden, maar deze is mannelijk en niemand zal het beklimmen overleven. Ook door het magnetisch veld van de berg wordt afgeraden erover te vliegen.
Ergens trakteer ik iedereen op Mountain Apple Pie, frituurd en gevuld met appel en kaneel.
Door deze vallei moeten we lopen en ergens halverwege, ik loop flink voorop, ga ik op een steen zitten en er overvalt me een serene rust. Ik geef de bergen namen van familie en vrienden en bekenden, overleden of levend en het is een bijzonder moment van introverte beleving.
Ergens waar we lunchen aan de andere kant van de vallei staat een tempel.
Ik loop eromheen en draai absoluut alle gebedsrollen en loop er twee keer rondom.
De God van Manang
En als we in Manang aankomen zien we de Tilichu berg in de verte. Het weer is stralend.
Manang is met 3000+ inwoners groot en er is feest.
Walk high, sleep low is het advies om te acclimatiseren en wennen aan de hoogte. Dus we blijven 2 nachten in Manang en in de ochtend wandelen we naar een boeddhistische tempel boven op de berg. Onderweg drinken we thee in Star Buk.
De eigenaar is heel religieus en ik moet wachten met betalen.
Een boeddhistisch gebedssnoer (mālā, japamālā) is een gebedssnoer van kralen. De gebedssnoeren worden gebruikt om de tel niet kwijt te raken bij het reciteren of chanten.
De chanten die ik hoor uit zijn telefoon is de boeddhistische mantra Om Mami Padme Hum.
Het lopen omhoog is stijl en zwaar en we hebben de gelegenheid om de bergen te zien waar we omheen gaan lopen
Annapurna 4 7.525m
Annapurna 2 7.937m
Annapurna 3 7,555m
Gangapurna 7.455m
Tilicho 7.134 en het gelijknamige bevroren meer.
Het weer is alweer stralend.
Boven aangekomen is de Gonka dicht. In de winter wonen er monniken onder harde omstandigheden, bidden en schilderen.
Terug in Manang slenter ik door de smalle straatjes
De Gandaki stupa en een detail van de gebedsrollen.
Vanaf morgen zal ik drie of vier dagen geen internet meer hebben en dat is wennen. Zonder internet kan ik geen blog schrijven en ook niet met Gwen bellen. Het zal zwaar zijn.
In Muktinath zullen we misschien woensdag aankomen maar het kan ook donderdag of vrijdag worden, afhankelijk van het weer (sneeuw of regen of landslides) of onze eigen fysieke conditie.
Ik hoop geen last te krijgen van hoogteziekte die dodelijk kan zijn en zo niet, heel pijnlijk met hoofdpijn, braken en onwel worden.
Ik zit naast de houtkachel in de eetzaal van Hotel Yak in Manang.
Een van mijn zonen schreef vanmorgen: Je klinkt kalm en ontdekkend.
Gisteren avond was het zo koud in de kamer dat typen op de telefoon onmogelijk was.
Maandag 11 maart.
We vertrekken vanuit Manang.
Ik loop achter een vrouw. Klein, gedrongen en op haar gezicht de tekens van het harde leven, groeven, rimpels, de huid donker geblakerd door wind en zon. Een gouden oorring en een gouden neusring. 50 jaar oud. En ze draagt op haar rug 30kg aardappelen de berg omhoog. Ergens stoppen we om te rusten en delen en pak koekjes. En ze rookt een smaakvolle sigaret. Het fijne aan deze ontmoeting is haar ritme. Ze loopt precies de snelheid die ik kan bijhouden op deze hoogte. En zij loopt heel gelijkmatig. Alles gaat hier de berg omhoog op de rug van mensen of dieren.
Het is 4 uur lopen naar Yak Kharka, over een smal pad constant omhoog de bergen in.
En ergens een kopje gember thee met limoen en honing.
We verblijven in Yak Kharka op 4018m.
Dinsdag 12 maart
Het was een koude nacht en koud in de ochtend.
We lopen naar Thorang Pheidi 4560 m. De afstand is niet zo groot. Om te acclimatiseren is het beter om elke keer niet hoger dan 400m dan de vorige nacht te slapen.
Daar in de verte de Annapurna 4 en de Gangapurna.
De gehuchten hier hebben geen inwoners; ze zijn voor de caravan van muildieren en mensen die trekken.
In het midden de houtkachel.
Het eten goed, slapen gaat minder. Ook al heb ik bijna al mijn kleren aan is het koud. Nachts moet ik naar het toilet in het out house. Alles is bevroren. En als ik weer terug in de slaapzak kruip is deze inmiddels ook ijskoud. De sterrenhemel over de toppen van de Himalaya is magnifiek.
Woensdag 13 maart
De wekker gaat om 03:00. Ik was toch al wakker en keek naar de sterren door het raam en de contouren van de toppen. Ik heb aangekleed geslapen dus hoef alleen mijn kleren recht te trekken en schoenen aan. Om 4 uur vertrekken we de berg omhoog. De hoofdlamp schijnt zijn lichtbundel over het besneeuwde en bevroren pad stijl omhoog. De ademhaling is zwaar en voor elke 4 kleine stappen 4 ademhalingen en de boeddhistische mantra Om Mani Padme Hum = Laat de lotusbloem zich openen.
Rond 5 uur bereiken we High Camp. We hadden gekozen om daar niet te slapen omdat het duur is en er is nog minder zuurstof z’n 50% en dat maakt het slapen lastig.
We lopen door onder de sterrenhemel van de Himalaya en langzaam komt achter de toppen de zon op. Elke stap is een ademhaling. De stijgijzers onder mijn schoenen geven houvast. Ik zie andere lichtjes ook de berg omhoog kruipen. Ook overvalt me de gedachte waaraan ben ik begonnen? Mijn longen doen pijn, het hart klopt snel, de afgrond is diep. Het landschap adembenemend. Ram, de gids loopt achter mij en gebaard om af en toe op een steen te zitten.
Na elke heling komt er nog een het lijkt wel de Tantaluskweling.
Uiteindelijk om 09:45 komt die in zicht: Thorang La Pass 5416 m.
Alle vermoeidheid verdwijnt.
Thorang La is een bergpas, in het verleden de verbindingsroute tussen Tibet, Nepal en India. Nu nog maar een toeristische attractie voor Europeanen die komen trekken. In het kwartier dat we er verblijven komen er z’n 20 langs.
Voor 12 uur moet men langs de pas zijn. De wind maakt het later bijna onmogelijk om te lopen. Het water in de rugzak is bevroren. Ik had moeten luisteren en een thermoskan met warm water meenemen.
En dan aan de andere kant van de pas omlaag naar Muktinath op 3802m.
Dat is nog een lange pittige wandeling. Vanwege vermoeidheid val ik een aantal keren gelukkig zonder gevolgen.
Rond 16 uur zijn we in Muktinath en er barst een sneeuwstorm los.
Ik kan weer douchen. Al vier dagen de zelfde kleren en niet eens meer mijn handen gewassen.
Vanmorgen was mijn telefoon volledig uitgevallen. Dat was paniek voor mij, en bewijst hoe verslaafd ik eran ben. Het duurde even tot ik een stopcontact kon vinden dat stroom leverde.
Gisteren avond heeft het gesneeuwd. En daarna een heldere koude nacht. De bergen rondom zijn wit.
Muktinath is een pelgrimsoord voor hindoes. Bussen vol komen er, maar ook te voet en op blote voeten. Ik spreek een monnik in oranje gewaad. Op paarden en draagstoelen die door 4 personen gedragen worden, worden de pelgrims naar de tempel gebracht
Zo vroeg en zo koud en zo druk.
Wij gaan met de bus naar Tatopani.
Tot heden hebben we de Annapurna 2 en 3 en 4 gezien maar niet de echte Annapurna met 8.091m en heel moeilijk te beklimmen.
Daar in de verte precies boven de taxi.
Later gedurende de 5 uur lange busrit zien we de Annapurna nogmaals.
De weg van Muktinath naar Tatopani moet genomineerd worden voor het TV programma: de gevaarlijkste wegen. Ergens onderweg stopt de bus voor een welverdiende pauze.
Tatopani is beroemd vanwege de thermen.
Het is heerlijk in het warme water. Bezoekers drinken alcoholische drankjes en roken een joint. Marihuana is hier getolereerd. De sfeer is uitermate relaxed.
Het is tropisch warm, er groeien en bloeien bouganvilia en kerstrozen, bananen en tomaten.
Op deze hoogte is het weer makkelijk adem te halen. Dus hopelijk beter slapen. In de verte het geruis van de rivier.
Vandaag viel me op dat ik de vogels en krekels hoor zingen. Op grote hoogte hoor je je eigen ademhaling en als je deze onder controle krijgt dan hoor je helemaal niets. Totale stilte.
Gisteren avond dwaalde ik door Tatopani en hoorde mijn naam. Het was Sumil, de jonge man die de rugzak draagt. Hij stond te flirten met een vrouw/meisje die iets in een emmer aan het mengen was met haar handen. Sumil vroeg of ik wilde proeven en zo hebben we samen uit een bord met onze handen de meeste zalige chatpati, pikante gepofte rijst met kruiden, gegeten. Zijn geflirt heb zo wel onderbroken. Nu ben ik in Sikha, 1190 ‘m hoger dan Tatopani. Het was een stijle maar prachtige wandeling.
Deze foto geeft nog een indruk van de weg die we gisteren in de bus hebben afgelegd.
Sumil met de rugzakken loopt over de hangbrug.
Een verkoopster van heerlijke bananen.
Een meneer met rijsteriet om matten te weven.
Hij is 70 en loopt de berg omhoog met zijn zwaare last.
Deze vrouw loopt ook de berg omhoog met haar lading brandhout.
En deze man met het voedsel voor zijn twee waterbuffels.
Ram, de gids hier in een geel hemd, woont in de sloppenwijken van Kathmandu. Om naar het hotel te komen waar hij me twee weken geleden heeft ontmoet, moet hij anderhalf uur in de bus reizen. Zijn huis bestaat uit een cementen vloer, wanden van karton en bamboe, een dak van zinken golfplaten. Stromend water een half uur lopen. Zijn twee kinderen op een kostschool waar ze tenminste een aantal maaltijden krijgen en wat onderwijs. Hij heeft werk in het toeristisch seizoen, dus tussen de 4 en 6 maanden per jaar. Als gids is hij fantastisch, als een beschermengel heeft hij oneindig achter me gelopen en meerdere malen op geraapt of vast gehouden als het mis dreigde te gaan. Ram een ook Sumil, de drager, staan altijd voor ons klaar voor thee, eten, toiletpapier, zeep, drinkbaar water. Vandaag bestelde ik “fresh orange Juice” en hij gebood mij het niet te drinken, toen hij in de keuken ergens zag hoe het voorbereid werd. Op de Thorang La Pass heeft hij zijn goden bedankt. En mij opgetild uit vreugde en een sjaal om mijn nek gehangen.
Waarom is dan deze lieve, zorgzame en religieuze man die zo hard werkt, zo arm? En Sumil? En al de mensen die hier langs lopen terwijl ik dit schrijf waarom zo veel armoede. Z’n zwaar leven voor de vrouwen en kinderen en ook de mannen.
Over twee dagen is de reis met Ram, Sumil en Andrew ten einde.
Hoeveel fooi moet ik Ram en Sumil geven? Voor mij was het vacantie en levenservaring. Voor hen werk om de familie in leven te houden.
Maar de vraag gaat niet om de fooi. Iedereen gelooft hier in God! Maar waar is God met zo veel armoede.
Om iets moois of indrukwekkend te zien, moet men moeite ervoor doen, en dat was vandaag het geval. Voor zonsopgang moesten wij met velen andere op de top van Poon Hill zijn. Om de zonsopgang en de reflectie van de zon op de besneeuwde toppen van de Himalaya te zien.
De Annapurna en de Annapurna South
Het was inderdaad indrukwekkend en druk.
Anderhalf uur later waren we weer in Ghorepani, en na een snel ontbijt zijn we aan de laaste wandeling begonnen, omlaag.
De schoonvader van mijn oudste zus was bioloog en gespecialiseerd in Rododendron leerde ik vandaag in de familie WhatsApp. Bijzonder om er hier zo veel te zien.
Naar Ghorepani wordt alles op de rug van mensen of paarden of muildieren gebracht.
We lopen z’n 4 uur tot een punt waar jeeps staan om verder te reizen, en dat doen we ook. 4 uur later brengt ons een jeep tot Pokhara, en fascinerende en drukke stad waar ik 4 dagen zal verblijven. Morgen een hele dag yoga in een Ashram.
Communicate met de Ashram voor de yogalessen verliep zweverig naar uiteindelijk ontfutselde ik de naam van mijn docent: Happy!
Ze zouden me afhalen rond 08:30. In mijn fantasie dacht ik aan een mooie donkere vrouw in een gele Suzuki Alto versierd met bloemen.
Dus ik sta op de hoek en een motorfiets met een enorme donkere kerel stopt voor mij.
Ik zeg: are you Happy?
Yes, I’m Happy, zegt de man en gebaard me op de motorfiets achter hem te gaan zitten.
De winkelier die het schouwspel bekijkt signaleert dat ik dichter tegen de rug van Happy moet gaan zitten. En we rijden door de drukte van Pokhara. Gisteren 4 uur in een jeep zonder veiligheidsriem, vandaag zonder helm. De Ashram ligt op een heuvel met een prachtig uitzicht over Pokhara en het meer.
Happy legt me in het kort uit wat we vandaag gaan doen en vraag me om te betalen U$D 90. Het zal een dagprogramma zijn, full day pakkage, en ik krijg ook lunch. We betreden de yogaruimte ik doe mijn schoenen uit en leg mijn mobiele telefoon en mijn portemonnee in een hoekje. We beginnen met Pranayama Yoga dat zijn ademhalingsoefeningen. De oefeningen zijn intens maar voelen heel fijn aan. Daarna doen we oefeningen voor het lichaam waarbij heel veel van mijn spieren en gewrichten op spanning worden gezet en gerekt. En we doen oefeningen voor de geest, waarbij we op de grond zitten, rustig ademen en de handen in een bepaalde houding houden als een Boeddha. Ik zou dan veel vrede voelen en geen boosheid. Dit maakt heel veel gevoelens bij me los. De tranen stromen over mijn wangen. Daarna krijg ik lunch, een heel klein bakje met een heel klein beetje linzen met uitjes en koriander. Het is zeker heel erg lekker maar niet genoeg, gewend aan de enorme maaltijden die we in de bergen kregen. Na de lunch krijg ik een Ayurvedische yoga massage en inderdaad word ik gemasseerd vanaf mijn kruin tot aan mijn tenen. Het voelt echt heel lekker aan, voor mij is dit de eerste massage in m’n leven. Na de massage krijg ik een chakra healing. Daarbij lig ik op de vloer en hij houdt zijn handen boven mijn lichaam. Zijn conclusie is dat drie van mijn Chakras geblokkeerd zijn, die van de spiritualiteit, die van de waarneming (awareness) en van de communicatie. Om deze Chakra’s te deblokkeren moet ik een nieuwe sessie bij hem in huren. Om 2:00 uur ‘s middags sta ik weer buiten. En ik dacht in mijn naïviteit dat ik een dagprogramma zou krijgen.
In de middag ga ik shoppen in de drukke straten van Pokhara. Een cadeautje voor Gwen is de bedoeling. Ik zie pashmina’s en de prijzen variëren tussen de 1000 en de 20.000 roepie. Dus ik geef het op. De pashmina’s lijken allemaal op elkaar de prijzen, niet ik begrijp er niks van. Dan maar een sieraad, maar ook hier lijken de sieraden op elkaar en de prijzen variëren met een factor 20. Ik geef het op. Ik geloof dat ik beter ben om in de bergen te wandelen dan om in een stad te gaan shoppen.
Op internet had ik Rekha’s Cooking Class gevonden en de communicatie verliep voorspoedig.
Om precies 10 uur werd ik door DB afgehaald en we reden door de drukke straten van Pokhara naar zijn huis. De rit duurde een uur ongeveer en het was heel erg stoffig onderweg. Hij vertelde dat hij met diverse projecten bezig is om scholen te steunen met boeken en school materiaal, uniformen en af en toe ook maaltijden op school. Verder vertelde hij dat ze voor 15 kinderen pleegouders zijn geweest en ze zo op weg hebben geholpen voor een beter leven. DB heeft een zachte tevreden glimlach op zijn gezicht. Bij zijn huis aangekomen ontvangt ons heel hartelijk Rekha en dochter Suzu. Ik krijg onmiddellijk een Tikka op m’n voorhoofd en heerlijke thee. Ik ben de enige in de kookles. Alle ingrediënten staan voorbereid en gesneden in kommetjes op een tafel.
Het is indrukwekkend zoveel voorbereidend werk hebben ze gedaan. We gaan Dal bath maken, het nationale gerecht van Nepal en dat ik tientallen keren onderweg in de bergen heb gegeten en waarvan je altijd ook nog een tweede portie bij krijgt als je dat wilde. Het is veel werk want het gerecht bestaat uit witte rijst, en vloeibare linzen soep, gestoofde spinazie, een groente curry, een chutney, kip in een spicy saus, wat rauwe groenten, popadums en eventueel nog andere gerechten naar smaak van de kok. Geen twee Dal bath zijn het hetzelfde.
Ik voel me in mijn element.
Rekha en Suzu.
Het resultaat is verbluffend qua smaak, kleuren en geuren.
En ik mag het allemaal opeten, het smaakt heerlijk.
Na de lunch zitten DB en ik onder het afdakje voor het huis op een rieten mat en praten over politiek, onze kinderen, over Colombia en Venezuela en Nepal. DB en Rekha hebben een zoon in Australië, een dochter in Finland en Suzu die naar de Verenigde Staten wil emigreren. DB zegt dat hij alleen het geluk van zijn kinderen wil. Hij loopt even weg en ik val in slaap in de warmte van de middag.
Even later verschijnt Rekha en nodigd mij uit om Momo te maken.
Momo’s zijn deegtasjes of Dumplings gevuld in dit geval met fijn gesneden groenten en gestoomd in de stoom van groenten soep en opgediend met een chutney.
Ik heb vandaag ongelofelijk veel gegeten maar vooral heeft indruk op mij gemaakt de hartelijkheid waarmee ik ben ontvangen en hoe ze me alles liefdevol hebben uitgelegd. Hun keuken is eenvoudig en op twee gaspitten en een inductie pit hebben we een fantastisch acht gerechten menu voorbereid. Hier heb ik geleerd om met liefde te koken en je hoeft geen sofisticated merk pannen te hebben. Ergens rond 18:30 uur hebben ze me weer naar mijn hotel gebracht. Ik ga zo onder de douche want mijn kleren en mijn haar ruiken naar specerijen zoals kurkuma, komijn, curry, masala, peper, zout en naar kruiden zoals gember, knoflook, koriander, bosuitjes en uien.
Gisteren ontving ik een berichtje van Happy of ik een tweede yogales wilde hebben en zonder na te denken antwoordde ik promt: ja graag!
Dus vanmorgen om 8:30 uur zat ik achter op zijn motor met bestemming de Ashram.
De oefeningen leken op die van de vorige keer dus eerst ademhalingsoefeningen, daarna bewegingsoefeningen, daarna meditatie, dan een massage met digitopuntuur en uiteindelijk toch de Chakra’s healing.
Mijn beleving van deze yogasessie was heel anders dan vorige keer. Deze sessies hebben me kalm in mijn hoofd en in mijn lichaam gemaakt en me diep geraakt. Happy vertelde onder andere dat yoga en manier van leven is en niet te oefeningen zelf. Traditionele yoga is gebaseerd op meditatie en het loslaten van wereldse gehechtheden.
Zijn advies was dat ik vaker zou mediteren om het leven anders te bekijken. Misschien heeft hij gelijk.
De lunch in Ashram was zalig en deze keer voldoende.
Tegenover het hotel, en in het zicht vanuit mijn hotelkamer is een winkeltje. Ik koop er vaak koekjes chocolaatjes en heerlijke papaja.
De mevrouw van het winkeltje heeft er ook voor gezorgd dat mijn kleren gewassen worden. Maar wat me vooral opvalt is dat het winkeltje open is vanaf 6:30 uur ‘s ochtends tot middernacht. En zij staat er de hele dag!
In de vroege ochtend ga ik koekjes kopen bij de mevrouw van het winkeltje dat van 6:30 uur tot middernacht open is tegenover het hotel. Zij trakteert me op een kopje masala thee. Dat is lekker. Als ik de koekjes wil afrekenen geeft ze me twee kleine potjes masala poeder, for your wife, zegt ze, and when you come again, you stay in my place. Don’t pay hotel!
Dit is de vijfde of zesde uitnodiging die ik krijg om bij iemand te logeren, weliswaar altijd met Gwen erbij. Ach, mensen zijn zo hartelijk hier!
Een taxi brengt me naar het moderne vliegveld van Pokhara waar chaos heerst. Alle vluchten van gisteren en vandaag naar Kathmandu zijn geannuleerd wegens slecht weer maar ons vliegtuigje van Buddha Air naar Chitwan trotseert de wolken en land met een uur vertraging.
Ik probeer uit te vinden of het vliegtuig in China, India, Brazilië of ergens anders gebouwd is.
Op de motor staat Pratt&Whitney dependable engines. Dat geeft vertrouwen!
En zo versleten en verkleurd als de sticker is, is het hele vliegtuig. Maar, voor minder dan de prijs van een treinreis van Maastricht naar Amsterdam, kan ik in 20 minuten vliegen naar Chitwan, in plaats van zeven uur in een bus hobbelen.
Op het vliegveld staat een meneer met mijn naam op een papiertje en hij brengt me in een busje naar het hotel.
Het hotel is super luxe met een zwembad en een eetzaal met buffet van verschillende gerechten.
In de middag is gepland een bezoek aan een Tharao Village. De Tharao’s zijn de inheemse bevolking van de laag landen, de Terai van Nepal.
In een bus met 14 Turkse vrouwen, de mannen zijn aan het raften, gaan we daarnaartoe. Voor mijn gevoel is het toerisme om armoede te zien!
Daarna gaan we met het busje naar de rivier om de zonsondergang te zien. Daar lopen honderden Chinezen, Koreanen, Duitsers etc rond.
Onderweg zien we een aantal dieren zoals asiatische rhinoceros, herten en krokodillen.
In deze regio wordt heel veel rijst aangeplant, en per jaar zijn er twee oogsten van rijst en eentje van een ander graan. Dus drie oogsten per jaar per perceel.
Alle lokale mensen die de gelegenheid hebben, vragen me waarom ik alleen reis. En blijkbaar vinden ze me zielig, want ze houden me veel gezelschap.
Ook vanavond bij het avonddiner stonden de hele tijd één of twee obers naast mijn tafel om mij gezelschap te houden met praatjes en grapjes en vragen over mijn leven. Dat is toch wel bijzonder!
Ik moet toegeven dat tussen zoveel luxe en het contrast met enorme armoede, en alles super organiseerd voel ik me een beetje verloren en ook een beetje eenzaam.
Deze hele reis heb ik geboekt met Nepal Eco Adventures en zij hebben deze reis georganiseerd. Ik heb veel aandacht besteed aan het gedeelte van de Himalaya en weinig aandacht aan het gedeelte in Chitwan. Maar ik moet toegeven dat alles tot in de puntjes goed georganiseerd is. Dus vanmorgen stond op het programma kanovaren en Elephant Breeding Centre bezoeken.
De cotton silk tree of ook wel de Kapoek boom geeft rode stevige bloemen en daarna een katoenachtige vezel die voor dekens wordt aangepast.
Van het hout van de Kapoek boom maken ze hier kano’s.
Met zo’n 30 mensen uit Turkije, de vrouwen van gisteren plus hun mannen, zijn we met twee busjes naar de rivier gereden, vroeg.
Daar zijn we aan boord van meerdere kano’s gegaan.
En we zijn langzaam de rivier afgevaren. Het was spannend, de kano’s zijn redelijk wankel, en we hadden de instructie gekregen om ons lichaam niet te bewegen maar alleen met ons hoofd naar links en rechts te kijken. En er was heel veel te zien:
En nog veel meer apen.
En nog veel meer krokodillen. Deze zijn viseters, dus niet zo gevaarlijk voor de mens.
Aan het einde van de 45 minuten durende tocht hebben we een bos/oerwoud wandeling gedaan en het Elephant Breeding Centre bezocht waar olifanten gefokt worden om ze van uitsterven te beschermen.
Het project gesponsord door de Nepaleese regering is succesvol.
Na de lunch een 5 uur durende jeepsafari door het oerwoud. De Bengaalse tijger, die ik zo graag wilde zien, hebben we niet gezien. Er is een tijger per 30 kwadraat kilometer dus de kans om hem te spotten is heel klein.
Wel hebben we meerdere rhinoceros gezien, aapen, herten, pauwen die in het wild leven en een zwarte beer in de verte.
In het midden van het oerwoud, bewaakt door militairen, is een Breeding Centre voor Nepalese krokodillen.
Dit fokprogramma is bedoeld om de krokodil voor uitsterven te beschermen.
Persoonlijk vond ik dit fokcentrum heel interessant want ooit eens heeft een vriend mij voorgesteld om kaaimannen te fokken voor het vel dat bij schoenen en tassen van vrouwen wordt gebruikt en het vlees dat naar kippenvlees smaakt. Dit project zou in Venezuela plaatsvinden waar ik vroeger woonde.
Ik kijk maar ik zie het niet was mijn conclusie vanmorgen heel vroeg bij het vogelsspotten. De gids zag vogels overal, ik niet; hij moest me erop wijzen! Het uitje was zo vroeg dan ik zijn enige vogel(niet)spotter was. Leerzaam en onthullend was het zeker. De gids wist alle namen in het Nepalees, Engels en Latijn en herkende alle geluiden en kon ook nog de geluiden na doen. De ochtend was heel grijs en bewolkt en dat maakte het nog lastiger voor mij. De gids had ook nog een beduimeld Nepalees vogelboek bij zich om mij veel te leren. Elke vogel die we in het echt zagen, liet hij me ook in het boek zien. Ik heb bewondering voor alles wat de gids wist, niet alleen vogels maar ook planten en bomen.
En toekan paar hoog op een boom.
De bloem van de Kapoek boom.
Bougainvillea
Papaya boom
De armoede in de omgeving van het hotel is aangrijpend.
In de middag ben ik met een Tuktuk naar Ratnanagar gereden.
Wat een belevenis van geuren, kleuren en lawaai. Ik was daar de enige toerist.
Rijst in gouden zakken.
Bibek en zijn Tuktuk, en mijn allereerste reis in een Tuktuk.
In de vroege avond ben ik nog even naar Sauraha gelopen om nog een cadeautje te kopen.
Onderweg zie je dus gewoon olifanten op straat lopen.
Drieling geitjes, een zwarte, een grijze en een witte; dat zal vechten zijn om de twee tepels van moedergeit.
Morgen vlieg ik naar Katmandu. En ik heb een heel bijzondere uitnodiging voor het avondeten. Sunil, de porter, de drager van de rugzakken bij de trekking rondom de Annapurna, heeft me uitgenodigd om te eten bij zijn familie. Ik voel me geëerd.
Aangekomen in Kathmandu is het feest; Holi feast of color.
Holi is een kleurenfestival waarbij mensen verschillende kleuren op elkaar spatten om de overwinning van het goede op het kwade te vieren. Kleuren symboliseren het leven, en kleuren geven leven aan onze wensen en vieringen, waardoor Holi een festival is waarin het leven, de liefde en passie worden gevierd.
Op verschillende plekken concerten en live muziek en bijna iedereen met kleur.
Er wordt met kleur gestrooid en je wordt ermee besmeurd. Zelfs de hond.
Vanwege het festival gaat het diner bij de zus van Sunil niet door. Jammer, ik wilde zien hoe ze wonen en met elkaar omgaan. Desalniettemin komt Sunil me halen en we lopen door de stad waar een enorme mensenmassa joelt, zingt, loopt en met kleurpoeder gooit. Iemand besmeurd mij gezicht met groene kleur.
Iedereen raakt je aan, houd je vast, loopt aan je voorbij en raakt je aan, en je moet met de massa mee bewegen of je wilt of niet.
Ik moet ook ervoor zorgen dat mobile telefoon en portemonnee in mijn zak blijven en niet met een ander mee gaan. Tussendoor moet je auto’s, motorfietsen en riksja’s ontwijken. We lopen z’n twee uur in de massa tot Sunil afslaat naar een small steegje. Hier is het rustig. En dan nog een steegje en nog een. Het riool loopt vrij, het afval overal en wat kinderen spelen met stokken in het smerige water. Sunil loopt een restaurantje binnen en hij besteld biryani, een Indiaas rijstgerecht met veel kruiden, en thee. Het is erg lekker en hij trakteert mij.
Om de mensenmassa te mijden gaan we na afloop terug in een taxi.
Morgen vlieg ik via Doha en Amsterdam terug naar Maastricht.
Dit is de laaste bijdrage aan deze blog die ik met veel plezier op mijn telefoon heb geschreven, onder de voorwaarde dat er internet verbinding moest zijn. En dat laaste is niet altijd een gegeven in Nepal. De blog was in eerste instantie bedoelt voor familie maar ik heb hem ook gedeeld met vrienden.
Maar wat een reis, wat een avontuur. Alles heeft indruk op mij gemaakt, de natuur, de bergen, de toppen met sneeuw, de Terai en de wilde dieren, het eten was bijzonder lekker, de yogalessen en de kookles.
Het begon als een sociale reis, ik moest mensen en omgeving leren kennen, het werd spiritueel bij alle tempels en gebedsrollen en in de vallei omringd van besneeuwde toppen, het stijgen, klimmen, dalen en slapen in de kou met weinig zuurstof was fysiek en in Pokhara en Chitwan was het gewoon toeristisch. Spiritueel was ook de yogales.
Hartverwarmend de reacties van familie en vrienden via deze zelfde blog of via WhatsApp. Veel reacties waren heel aanmoedigend.
En ik ben een bevoorrecht mens dat ik deze ervaring mocht mee maken en delen. En gelukkig is me niets slechts overkomen. Ik heb de Annapurna Circuit Trek volbracht met de Thorong La Pass en zijn 5416 m als hoogtepunt in gezelschap van Sunil, Ram en Andrew. Maar eigenlijk was voor mij het hoogtepunt de Nepaleesen zelf, de mensen van hier!
Hartelijke mensen hier hebben me altijd ontvangen met een glimlach. Ik heb duizend keer mijn handpalmen tegen elkaar gehouden en Namasté gezegd.